Nederland
begraaft vierhonderd dooden in den Eeregrafhof te Bloemendaal
Een
overzichtsfoto van de st.Bavokerk te Haarlem tijdens de plechtige uitvaart van
Hannie Schaft, als symbool voor ruim vierhonderd illegale werkers.
Bavo's
bronzen stem treurt boven Haarlems daken en er is reden voor. Vandaag toch worden
de ruim vierhonderd illegale strijders bijgezet, die door Duitsche hand vielen
en in de stilte van de Bloemendaalsche duinen werden teruggevonden.Duizenden
stroomen samen tusschen de blanke zuilen van de Groote kerk. Zij,scharen zich
rond de plek. waar het stoffelijk overschot staat opgebaard van een meisje, Hannie
Schaft. Zij is het eenige vrouwelijke slachtoffer en in haar wil men haar medestrijders
herdenken. Zes Kaarsen beschijnen de roodglanzende kist, die- overdekt is
met de vaerlandsche vlag -het dundoek, dat wapperde aan het huis van.H.M. de Koningin
te Londen, toen de bevrijding van de eerste Nederlandscbe stad een gelukkig feit
werd. Er omheen waken de mannen en meisjes uit de verschillende oud-illegale
organisaties. Ze staan roerloos en door den ernst van deze plechtigheid, die
hen weer alle phasen van wreed-spannenden strijd tegen den bezetter doet doorleven.
De geschiedenis van Hannie Schaft is hun geschiedenis!
Bestrijdster
van den beruchten S.D.
In Haarlem geboren,doorloopt
Hannie Schaft daar de lagere en hoogere burgerschool. Op zestienjarigen leeftijd
laat ze zich inschrijven aan de Amsterdamsche universiteit. Zij geeft zich met
hart en ziel aan haar studie. Dit verandert echter zoodra de Duitschers ons land
overweldigen. Van begin af staat haar houding vast: nooit zal zij in de aanwezigheid
van de gehate bezetters berusten, sterker, ze zal alles van zichzelf inzetten
om hen te helpen verdrijven. Dit is geen kwestie van keus of rustig overleg. Zij
kan niet anders handelen, zij moet strijden waar en wanneer zij kan, haar fiere,
onafhankelijke geest dwingt haar daartoe. Het meisje begint den strijd, die
er één zal worden op leven en dood, Als er van de studenten te
geêischt wordt de loyaliteitsverklaring te teekenen, weigert zij. Hierdoor
breekt haar studie af, die bijna voltooid was. Geen nood, er zijn belangrijker
zaken. Nu kan ze zich heelemaal aan haar illegale werk geven . Voor iemand
van haar persoonlijkheid,is er van alles te doen. Ze helpt Joden en onderduikers
en ijvert voor de nieuwsvoorziening. As zij bij dat alles durft en oorspronkelijkheid toont,
wordt ,zij allengs met gevaarlijker taken belast.
Onvermoeid
jaagt zij achter de geheimen van de S.D. aan en weet er vele van in de handen
van haar opdrachtgevers te spelen. Een keer dreigt het mis te gaan. Zij kan in
de laatste seconde toch nog ontsnappen,haar naam en adres geraken evenwel in de
handen van de Gestapo. Deze zet een val voor haar uit, maar Hannie loopt er niet
in. Wel moet zij echter aanzien, dat haar ouders als gijzelaars naar Vught
worden overgebracht. Dit verflauwt haar activiteit niet. Van een nieuw adres uit
opereert ze verder. Op Dollen Dinsdag komt het tot een openlijk treffen. In
een schietpartpartij wordt zij door beide beenen geschoten. Haar belager schiet
zijn revolver op haar leeg. Zij heeft zich op den grond laten vallen en telt de
schoten. Als zij weet, dat hij geen kogel meer over kan hebben, vliegt zij op,
grijpt haar fiets en weet te ontkomen .Haar opdrachten voeren haar naar alle
windstreken. Door de razzia 's op de mannen wordt er steeds meer van de meisjes
gevergd. Nooit is een opdracht haar echter te groot of te ver. Zelfs in Januari
1945, als de straten spiegelglad zijn, schrikt Hannie niet terug. Met haar
vriendin gaat zij naar Den Haag om haar plicht te doen, glijdend en vallend op
hun gebrekkige fietsen komen ze avonds gekneusd thuis om den volgenden morgen
weer paraat te zijn. Dan breekt de fatale dag aan! Op een mooien voorjaarsdag,
om precies te zijn 21 Maart, verlaat zij 's avonds half zeven haar huis om een
paar pakken illegale bladen van de "Waarheid" weg te brengen. Wat
er op haar tocht toen gebeurd is, staat niet met zekerheid vast. Zij moet aangehouden
zijn en men vond toen de kranten op haar , mede wapens! Zij werd naar de gevangenis
in Amsterdam overgebracht. Drie weken voor de bevrijding werd zij door een viertal
S.D.ers uit haar cel gehaald en naar de duinen bij Bloemendaal gebracht. Daar
schoten zij haar dood en begroeven haar in het zand. Weinige weken later
kwam de bevrijding. Gezonden patrouilles vonden haar en vele van haar medestrijders.
Een
volk neemt afscheid Het machtige orgel heeft het " Wilt heden nu treden"
ingezet. Mannenstemmen vallen bij. H.M. de Koningin en Z.K.H. Prins Bernard
hebben hun plaatsen reeds ingenomen. Een blik langs de rijen belangstellenden
wijst wel uit dat deze plechtigheid meer is dan een locale gebeurtenis.
H.M.
de Koningin en Z.K.H. Prins Bernard nemen aan de plechtigheid deel.
Nederland
eert hier zijn gevallenen en dankt hen voor hun offers. Het zal ook blijken uit
de woorden van de sprekers,als zij getuigen van een groote familie,die, met haar
Landsmoeder in het midden,haar dierbare zonen ten grave draagt. Als zij getuigen,dat
het bloed der martelaren het vuur van het verzet hooger deed opvlammen,ten behoeve
van het heele Nederlandsche volk,dat zich het offer harer helden moet waardig
toonen. Zwaar en nadrukkelijk galmen de woorden door de eeuwenoude ruimte. Door
de hooge ramen valt het stralende herfstlicht naar binnen als een groet uit blijder
oorden,waar de dood overwonnen is en de vrede eeuwigdurend. Soms ook klinken de
woorden lichter,dan zijn zij doorstraald van hoop n bemoediging ,van bezinning
en vergeving. Begeleid door het orgel zingen de vijfduizend aanwezigen het eersten
couplet van het Wilhelmusstaande mee. intusschen brengen manschappen van de gezagstroepen
de nog overgebleven kransen weg. Een dag tevoren waren al honderden bloemstukken
en kransen overgebracht naar de graven in de duinen. Als hierna het tweede couplet
wordt gezongen,nemen de mannen,die bij de opgravingen hielpen,de kist op hun schouders
en dragen haar langzaam de kerk uit. Er blijft geen oog droog en troostend klinkt
het Mijn Schilt ende Betrouwe.
Manschappen
van de gezagstroepen,dragen in den stoet naar den Eergrafhof in de duinen bij
Bloemendaal enkele van de geschonken kransen.
Duizenden
volgen de baar omhoog door de duinen naar de plaats,waar het stoffelijk overschot
van Hannie Schaft met dat van haar kameraden vereenigd zal worden.
Aan
het eind van de plechtigheid gingen de leden van het Vorschtenhuis langs de bloemen
en kransen overdekte graven.
Verlies
en zegepraal. Buiten de kerk formeert zich echter een kilometers lange stoet.
Voorop gaat een eerewacht in khaki uniformen,daarachter volgen de mannen met de
kransen .Achter de baar sluiten de familieleden van de gevallenen aan,gevolgd
door hen die meeleven. Een legermuziekcorps en dat van de Amsterdamsche politie
spelen treurmuziek. De vlaggen hangen halfstok ,de winkels zijn gesloten en het
verkeer is stil gelegd. En terwijl de fluiten klagen met de dof gestemde trommels
,schrijdt de stoet door de doodstille straten. Hoofden worden ontbloot en de oogen
vullen zich met tranen. Zoo goed beseffen de duizenden langs de wegen de vrijheid
die zij thans kennen na jaren van onderdrukking,zoo goed beseffen zij nu de offers
,die daarvoor moesten worden gebracht. Misschien beseffen zij nu ook de diepte
van het woord,dat vanmorgen van den kansel werd gesproken:dat deze begrafenisplechtigheid
meer is dan het bewijzen van een laatste eer. Dat zij is een kreet van bezinning,gericht
tot het gansche volk,dat zich door zijn werken en dienen voor een betere wereld
de gebrachte offers waard moet toonen. Hieraan moet ikdenken,dien heelen lange
weg naar den grafhof in de duinen. Ik moet er ook aan denken als ik de duizenden
verzameld zie om de graven der gevallenen,luisterend naar het gesproken dicht
door Elisabeth van Maasdijk: Heilig is de grond die gij betreed en naar het dankwoord
van Ds.Post,waarmee de indrukwekkende plechtigheid wordt besloten. Ik moet er
aan denken als ik de bloemen zien ,die zich op de graven ophoopen. Zij,die vielen,streden
voor een hoog ideaal,en meer dan met bloemen,tranen en monumenten eeren wij hen
op onzen beurt,ieder op zijn plaats en naar zijn eigen vermogen,aan de verwezenlijking
van hun ideaal te bouwen:aan een wereld ,die in het teeken staat van vrijheid,gerechtigheid
en naastenliefde ,waarna de gevallenen streefden en waarvoor zij sneeuvelden.
Want dan zal hun verscheiden niet een verlies,doch een zegepraal zijn voor hen
en voor ons.