Overzichtl
van de rechtzaal tijdens het voorlezen van de dagvaarding dor den procureur-fiscaal
Mr.Zaayer. rechts, naast den pilaar Mussert.
Bijna
drie uren lang heeft Anton Adriaan Mussert het geduld van zijn talrijk gehoor
op de proef gesteld, toen hij dezer dagen in het witte paleis aan den Hofstedelijken
Kneuterdijk gelegenheid kreeg, een laatste poging te ondernemen, zijn gedrag te
rechtvaardigen. De man, "zonder wien Nederland geen toekomst had",
kan niet zeggen, dat hem de gelegenheid ontnomen is, ruimschoots te zeggen, wat
hij op 't hart had, dat hart dat naar zijn eigen woorden in vijf jaren niet gelucht
was. De eerste dag van het proces ging heen met het verhoor van verdachte en de
drie getuigen, van wie, journalistiek bezien, alleen mr .Carp belangrijk was.
Hij is een lange, schrale figuur met een Mephisto-gelaat en zijn uitlatingen boezemen
niet zooveel vertrouwen in, dat men kan zeggen, dat het gezegde "ruwe bolster,
blanke pit" op hem van toepassing zal zijn. Maar goed, de ex-leider der
N .S.B, staat onbetwistbaar in 't middelpunt van dit gerucht makende proces en
't loont beslist de moeite, hem eens van nabij te gaan bekijken. Zoo op 't oog
is hij niet of nauwelijks veranderd, deze eenenvijftig jarige, tamelijk kleine
en tamelijk gezette figuur. Uiterlijk maakt hij eén wel varenden indruk,
iets vermagerd weliswaar, hetgeen zijn te ruime, maar smetteloos witte boord
toont, maar er kon iets af . In tegenstelling tot Max Blokzijl, die eenigen tijd
geleden, ook tusschen twee agenten in, op hetzelfde plaatsje plaatsje in dezelfde
bank zat, is de gewezen Utrechtsche waterstaatsingenieur netjes, bijna degelijk
gekleed. Men zou van hem kunnen schrijven: het geheel maakte een verzorgden
indruk. En wat is hij beleefd! Zijn stem klinkt aangenaam zacht en beschaafd.
Zij is helder en vriendelijk-overredend en toontgeen spoor van nervositeit. Toch
is Mussert zenuwachtig. Let maar eens op de wijze, waarop hij zijn hoornen bril
hanteert, hem laat rond draaien tusschen zijn vingers en 'm, met een plotseling
gebaar, op z'n neus plant om een stuk door te zien.
Mussert's
auto ,toen hij bevrijd was.
Musse auto,nu
Wij bevrijd zijn
Mr. Van Berckel
is president en hij is voor ons geen onbekende meer, want ook Blokzijl en De
Block v. Scheltinga hebben onder zijn leiding terecht gestaan in deze zelfde zaal.
Hij is een scherp jurist en een man van korte, puntige vragen, maar de man met
de gekweekte Mussolini-kin, daar vóór hem in de beklaagdenbank,
is geen Blokzijl, die met listig gestelde vragen in een hoekje gedreven moet worden. Mr.
Van Berckel bedelft zijn slachtoffer onder een lawine van citaten, aanhalingen
uit Musserts redevoeringen en courantenartikelen en de opsomming is zóó
overstelpend, het bewijsmateriaal zóó overvloedig dat 't alleen
hierom al een hopelooze taák rijkt,' zich daartegen te verweren.
De
beklaagde betreed het gebouw van de rechtbank
Tijdens
het verhoor .De diktator's kin is nog steeds aanwezig
Toch
heeft Mussert dit gewaagd, maar niet dan na eerst het lang ademige, maar interessante
betoog van den procureur-fiscaal,mr J. Zaayer, te hebben aangehoord, dat
resulteerde in den eisch: doodstraf. Men heeft mr. Zaayer wel verweten, dat
hij zich bij voorkeur niet al te druk maakt om zijn requisitoirs. Hij pleegt
nogal eens uit te gaan van de stelling : Het is duidelijk, dat deze lieden den
dood verdiend hebben, dus praat daar nu maar niet lang over geeft hun hun straf
en daarmee uit ! De bijzondere Raad van Cassatie heeft n.a.v. d . vaarding voor
den Wassenaarschen exburgemeester v. Scheltinga reeds verklaard mee niet accoord
te gaan en op grond van een zoodanige dagvaarding geen doodstraf te kunnen
uitspreken. Mede hierom zal mr. Zaayer van de zaak Mussert meer werk hebben
gemaakt, vermoeden we. In ieder geval: zijn betoog was scherp , vlijmend van sarcasme
en soms druipend van ironie. Het was oorzaak, dat Mussert niet langer stil kon
blijven zitten op zijn harde bank. Bij tijden danste hij van opwinding en verontwaardiging.
Maar zijn beurt was nog niet gekomen, eerst was 't woord aan zijn verdediger ,
mr. Wyckerheld Bisdom, die er geen twijfel over wilde doen voortbestaan, of hij
soms vrijwillig de verdediging van zijn cliënt , op zich had genomen en derhalve
op alle pers uitreksels van zijn betoog had laten typen: toegevoegd verdediger.
Dat wil overigens niet zeggen dat zijn betoog niet serieus of niet boeiend zou
zijn geweest. Hoewel een leek op het gebied der jurisdictie kan ik toch wel zeggen,
dat zijn betoog op mij niet geheel zonder uitwerking bleef.
De
drie getuigen:v.l.n.r.P.D.van Houten,F.van Dien en mr.Carp,voormalig president
van het Vredesgerechtshof
De
groote apotheose van dit proces eenig in de geschiedenis van ons land was echter,
zonder twijfel de groote "rede", die de belaagde. Woensdagmiddag
hield en die als zijn laatste woord te beschouwen is. Ik ken Mussert als een gebrekkig
spreker, wiens zinnen als het befaamde losse zand aan elkaar plachten te hangen,
en inderdaad sprong hij ook nu weer onverpoosd van den hak op den tak, maar toch
moet ik bekennen, dat zijn woorden niet nagelaten hebben, indruk te maken. Wie
het proces Blokzijl heeft meegemaakt, zal zich de ergernis herinneren, die
hem bekroop, toen Max zoo min mogelijk van zijn beginselen verhaalde en zooveel
mogelijk van de belangrijke zaken waarmee hij zich vóór 1940 heeft
bezig gehouden . En ook Van Genechten kwam tenslotte niet verder dan geopolitieke
uitweidingen,die vrijwel niemand begreep, maar ging niet of nauwelijks in op zijn
daden als N.S.B.er. Hoe anders toonde Mussert zich ! Hier stond een man, die
gefaald heeft, wien hulpverleening aan den vijand verweten wordt. Goed, hij ontkent
dit en draagt daarvoor kilo's "bewijsmateriaal aan, maar verloochent hij
de N.S.B? heelemaal niet, zijn gansche betoog is. Een hartstochtelijke verdediging
van de door de hem opgerichte beweging: Mussert is nooit een goed spreker geweest,
hij is 't ook nu niet, want zijn verweer is nog steeds zijn zwakke zijde, maar
zijn verweer is bezield, soms verbeten, een enkele maal sarcastisch en zelfs
wel eens humoristisch! Ja, meneer de procureur-fiscaal",zoo zegt hij "ik
ben de eerste Hollandsche onderduiker geweest," daarbij doelende op zijn
onderduiking in een Larensche boerenhoeve, in de Meidagen van '40.
Wat
mij opviel was, dat Mussert niet in de eerste plaats als persoon, als individu
sprak, maar als leider der N.S.B. Niet in 't minst was hij onder den indruk van
de omstandigheden, waaronder hij sprak, naast hem twee agenten, die hem straks
weer naar den "boevenwagen" zullen brengen, waarmee hij ter zitting
is gevoerd en, achter zich een auditorium, dat smadelijk lacht als hij een
enormiteit debiteert en dat gebeurt nogal eens, want, zooals Van Genechten knap,
maar onbetrouwbaar eens heeft gezegd: Mussert is niet een van de snuggersten. De
ex leider gedraagt zich, alsof hij op de hei van Lunteren staat. Van tijd tot
tijd plaatst hij de armen in de zijden, een andermaal balt hij de vuist of strekt
hij den arm. Zijn stem nog versterkt door de instelling van een tweetal microfoons
klinkt forsch, beslist en zeer nadrukkelijk. Hij is niet bang, deze gevallen grootheid
,want hij betoogt met klem, moreel onschuldig te zijn, evenals "zeer vele
mede N.S.B.ers En dat na het twee uren lange Requisitoir van den procureur-fiscaal! In
onze woorden hierboven ontbrak een zeker element en waardeering niet. Dat is,
omdat wij persoonlijk de overtuiging hebben, dat Mussert hoe fout zijn daden en
hoe krom zijn wegen ook zijn geweest -in wezen het belang van ons volk op 't oog
heeft gehad. Dat betoogde zelfs de openbare aanklager! Natuurlijk wil dit allerminst
zeggen, dat hij nu maar considerant behandeld moet worden. Zijn gerechte staf
zal hij moeten ondergaan en het zou,ten opzichte van de algemeene stemming in
ons land,psychologisch verkeerd zijn, als de juridische machine in dit geval niet
op maximum snelheid zou draaien. Het recht moet zijn loop hebben, doch een half
jaar na de bevrijding zouden we in plaats van een marathon, weleens een sprint
willen zien.