Evenals de Betuwe was het Land van Maas en Waal al in de middeleeuwen relatief dichtbevolkt in vergelijking met onherbergzame streken als de Veluwe. Ook al had het gebied regelmatig te kampen met overstromingen, veroorzaakt door de gebrekkige waterhuishouding, toch vestigde de inheemse bevolking zich steeds weer op hun hofsteden en liet zij zich niet verdrijven door de weerbarstige elementen.

St.Victorkerk

 

Bijna ieder dorp had zijn eigen kasteel en soms wel meer dan een. De meeste daarvan zijn allang verdwenen, zoals Holt en Darop in Puiflijk of het huis te Leeuwen, gesticht door Willem van Druten in 1400.

Ook het destijds belangrijkste kasteel van Maas en Waal is tegenwoordig niet meer dan een ruïne: Batenburg in het gelijknamige stadje aan de Maas. Wat wij hier nu zien binnen de grachten zijn de resten van het rond 1600 herbouwde slot op de grondvesten van een veel ouder kasteel met een bijna ronde plattegrond. De muren van baksteen worden afgewisseld door banden natuursteen, zogenaamde speklagen. Batenburg had aan drie kanten een ronde toren en aan de vierde kant de ingang, geflankeerd door twee kleinere ronde torens. Al in 1272 is het kasteel uit het geslacht Van Batenburg aan de heren van Bronkhorst gekomen. Twee leden van deze familie, Gijsbert en Diederik van Bronkhorst-Batenburg werden aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog op bevel van Alva onthoofd..
In 1794 brandde het kasteel geheel uit; sindsdien is het steeds meer vervallen nu eigendom van de Stichting 'Vrienden der Geldersche Kasteelen' .


Batenburg

Twee broeders in goede zeden,
van Batenburgch twee heeren groot,
bervoets sachmense treden,
en bloot, hoofts al na den doot
singhende uut helder kelen
uut David den sesten psalm
straft mij niet,Heer,in velen
Tot Godt qaum haerlieder galm.

Uit: een nieu geusen lieden boecxken 1581

Back


.